|
16 juli 2009
Vertaald door    : Paul Wolters en Geertje van de Pas
met toestemming van : auteur Jussara Mangini, Manaus Agentschap Fapesp
Van de ongeveer 150 inheemse talen die nog gesproken worden in Brazilië, worden er ruim dertig (21%) ernstig
bedreigd met uitsterven op korte termijn. De oorzaak: het slinkende aantal sprekers en de lage snelheid van
overdracht aan de nieuwe generaties. Dit blijkt uit nieuw onderzoek.
De Amazone is de regio waar de meeste inheemse volken wonen en dus verbaast het niet dat tweederde van alle
inheemse talen in Brazilië daar gevonden wordt.
Alleen al in de staat Amazonas ligt het aantal levende talen nog steeds tussen de 50 en 56, volgens de recente
verschenen studie van taalonderzoeker Dennis Albert Moore, conservator van het Goeldi-museum in de staat Para.
Er zijn ook vele talen verdwenen sinds het contact met niet-inheemse personen. Zoals Baré, Mura, Kokama en Torá.
Deze volken bestaan nog wel, maar ze gebruiken het Portugees als taal. Of het Nhenngatu, een universele taal die
bestaat uit een mengsel van Portugees en verschillende inheemse talen. Deze taal wordt in het hele Amazonegebied
door tal van etnische groepen gebruikt, zoals bijvoorbeeld de Baré, wiens traditionele taal niet meer wordt
gesproken.
De meeste talen hebben weinig sprekers meer, minder dan 100. Talen met meer sprekers, tot vier duizend, zijn:
Sateré (6.219), Baniwa (5.811), Tikuna (ongeveer 35.000), Tukano (8.000), Yanomami (6.000), Yanomam (4.000) en de
Algemene taal Amazônica (6.000).
Nooit onderzocht
In de deelstaat Pará, die ook deel uitmaakt van het Amazonegebied, heeft onderzoeker Moore 26 inheemse talen
geklassificeerd, evenveel als het aantal gesproken talen in West-Europa. Van deze 26 zijn er twee nog nooit
onderzocht. Van de overige talen is de helft op doctoraal niveau onderzocht en met als resultaat veel
gepubliceerde artikelen, 31% is op master niveau bestudeerd en van 12% van de talen bestaat alleen een goede
beschrijving.
Taaloverdracht
Volgens de onderzoeker wordt de toekomst van een taal bepaald door de overdracht aan de volgende generatie.
Dit is vaak moeilijk vast te stellen. In Pará bestaan vijf talen (19%) die niet meer doorgegeven worden.
In onderzoekerstermen: met een transmissie-index van 0. Twee andere talen (8%) hebben een lage transmissie,
drie talen (12%) hebben een gemiddelde overdracht en 16 talen (62%) hebben een goede of hoge transmissie.
In de staat Roraima, een andere deelstaat die de Amazone-regio omvat, zijn er, volgens Maria Odileiz Sousa Cruz
van de Federale Universiteit van Roraima, 61 inheemse bevolkingsgroepen met minder dan 200 native speakers en
vijf volken waar nog 10 tot 20 duizend mensen de inheemse taal spreken. Het aantal sprekers per taalfamilie is:
Makuxí (ongeveer 12.000), Taurepang (600), WaiWai (2.500), Ingarikó (1.170), Waimiri-Atroari (970), Ye’kuana (426),
Wapixana (4.000), Atoraiú (1) en Sapará (1). De Yanomami worden niet meegerekend, omdat zij geïsoleerd leven en
weinig contact hebben met de niet-inheemse maatschappij.
Verwarring
Voor Moore is één van de uitdagingen van het goed documenteren het uitzoeken of geregistreerde talen ook
daadwerkelijk unieke talen zijn, of dat het verschillende dialecten van een en dezelfde taal zijn, ontstaan
door etnische en politieke tegenstellingen.
Moore, die heeft meegewerkt aan de productie van de VN-atlas van bedreigde talen, geeft als voorbeeld de case
van de Monde taal, van de stam Tupi. "De taal van de Gavião-indianen in Rondônia en de taal van hun buren de
Zoró-indianen zijn beide als aparte taal opgenomen, terwijl het in feite dialecten zijn, die net zo dicht bij
elkaar liggen als het Portugees van de stad Salvador en het Portugees van Rio de Janeiro."
In een artikel gepubliceerd in Scientific American in september 2008, getiteld ‘De uitdaging van het
documenteren en het behoud van de talen in het Amazonegebied’, legt Moore, samen met andere deskundigen, uit
dat bij het verzamelen van gegevens de tendens bestaat om het spreken van een taal door een aantal individuen
binnen een gemeenschap, te verwarren met het spreken van die taal door de heel groep. "Dus in feite is het
aantal sprekers van een taal vaak veel kleiner dan wordt gedacht. De situatie van de taal is dus eigenlijk
zelfs nog slechter," zei hij.
Taalpolitiek
Een mogelijke manier om dit scenario om te keren zou de formulering en uitvoering kunnen zijn van een Taal-
en Wetenschapsbeleid. Dit was één van de belangrijkste conclusies van de Ronde Tafel over ‘inheemse talen in
de Noordelijke Regio: vooruitzichten voor documentatie, onderhoud en onderzoek’, gehouden tijdens de 61ste
Jaarlijkse Vergadering van de Braziliaanse Organisatie voor de bevordering van wetenschap (SBPC), in Manaus
(Juli 2009).
Volgens de deelnemers zou dit beleid kunnen helpen bij het documenteren van talen. Bijvoorbeeld, werken we per
taalfamilie of per taalkundig etnografisch gebied? Dat laatste zou worden bepaald door bijvoorbeeld geografische
grenzen aan de taal. zoals rivieren, of afgaande op wat de sprekers zelf denken. Een andere mogelijkheid is het
bevorderen van het herstel en de verspreiding van de inheemse talen.
"Het proces van documentatie is essentieel voor het vergroten van de kennis over de diversiteit en het
doorgeven van de inheemse talen," zei Pacheco Frantomé, hoogleraar aan het Departement voor Antropologie
van de Federale Universiteit van Amazonas, en voorzitter van de het Ronde Tafelgesprek.
Strategieën voor taaloverdracht
Steeds meer inheemse groepen vragen om documentatie van hun taal. Die vraag is de laatste jaren snel gestegen.
Euclides Pereira, zelf een Makuxi, is technisch manager van het project “Voorbeeld Projecten voor Inheemse
Volken” van het ministerie van Milieu. Hij onderstreept deze eis. Maar documentatie en bescherming is niet
voldoende, benadrukt hij. “De taal moet ook verspreid worden. Maar als je een mondelinge taal wilt leren,
moet je de structuur goed kennen. Sommige woorden worden alleen door mannen gesproken, anderen alleen door
vrouwen, en ook ontstaan er nieuwe woorden door contact met andere volken en niet-inheemse personen.
"Je kunt het Makuxí niet op dezelfde manier onderwijzen als het Portugees. De universiteit zou kunnen adviseren
over de productie van materialen die niet alleen over het schrijven van de taal gaan, maar waarin ook beelden,
verhalen, myten en traditites van de taal aan de orde komen voor de studenten. Misschien kunnen video's en
cd's het begrip over en de verspreiding van de taal bevorderen”, stelt Pereira voor.
Digitalisering
In Brazilië zijn de digitalisering en het optekenen van opnames van de talen nog in de beginfase.
Het Goeldi Museum verzamelt en bewaart moderne digitale bestanden op de servers. “Bestanden die met name
bedoeld zijn voor de inheemse groepen zelf, zoals we ook zien in Australië, waar 95% van de raadplegingen
van de bestanden gedaan worden door de Aboriginals.”
Er zijn ook programma's voor alfabetisering en hergebruik van talen, maar de resultaten zijn tot nu toe niet
systematisch verzameld en geëvalueerd. Eén van de initiatieven is het onderzoek naar de status van alle
talen in Brazilië, de Nationale Inventarisatie Taalverscheidenheid, gepland door het Instituut voor
Historisch Erfgoed en Nationale Kunst en Cultuur (IPHAN) in samenwerking met de Braziliaanse Taalvereniging
(ABRALIN).
Inheemse radiouitzendingen
In Roraima zijn er enkele initiatieven om de sprekers van de inheemse talen te ondersteunen door te werken met
de geschiedenis van de taal in verschillende fasen. Zo zijn er twee radiozenders die educatieve programma's
uitzenden in de inheemse talen. En de Federale Universiteit van Roraima startte de Insikiran Opleiding voor
Inheems Onderwijs, waar vandaag de dag 240 studenten studeren. Daarnaast bestaan er nog andere cursussen, te
volgen bij verschillende instellingen van de staat.
|